Nederlandse studies koppelen verschillen in darmflora aan depressieve symptomen


Uit twee Nederlandse onderzoeken blijkt dat mensen met depressieve klachten vaak een andere darmflora hebben. Hoewel de onderzoeken geen oorzakelijk verband tussen darmgezondheid en depressie aantonen, zouden de resultaten het startpunt kunnen zijn voor het aanbieden van alternatieve behandelingen voor depressie, zegt psychiater en onderzoeker Anja Lok (Amsterdam UMC) in de Volkskrant.

“Veel patiënten zijn geholpen door antidepressiva of cognitieve gedragstherapie, maar niet iedereen. Hopelijk kunnen we ze in de toekomst ook behandelen met probiotica of voeding. Of gebruik darmflora-analisten om te voorspellen wie op welke therapie reageert”, aldus Lok.

Lok was betrokken bij beide onderzoeken, die dinsdag in Nature Communications zijn gepubliceerd. Ruim 1.000 Rotterdammers en 3.200 Amsterdammers vulden gestandaardiseerde vragenlijsten over depressieve symptomen in en stuurden ontlastingsmonsters op voor onderzoek.

De onderzoekers vonden 13 bacteriestammen die min of meer boer zijn in de ontlasting van proefpersonen met depressieve symptomen. Volgens de onderzoekers kunnen de abnormale microben de hersenen aantasten door de stoffen die ze produceren, zoals glutamaat, butyraat en serotonine – stoffen die een belangrijke rol spelen in de communicatie tussen hersencellen.

Lees ook:  Alle 150 demonstranten van Extinction Rebellion zijn weer vrij na blokkade A12 in Den Haag

“We kunnen geen conclusies trekken over oorzaak en gevolg”, benadrukte Lok. “Er is waarschijnlijk een wisselwerking, net als bij slaap. Als je niet goed slaapt, loop je een grotere kans op een depressie; als je een depressie hebt, slaap je vaak slechter.” Verder onderzoek is nodig.

Plaats een reactie