Nederland gaat tientallen skeletten terugsturen naar Maleisië


Nederland stuurt binnenkort een groot aantal prehistorische skeletten terug naar Maleisië. De regering van het Aziatische land diende deze zomer een verzoek in bij staatssecretaris Gunay Uslu om de skeletten, die zich momenteel in museum Naturalis in Leiden bevinden, terug te geven. Ze willigde het verzoek in november in en de landen zijn in gesprek over een geschikt moment voor de overdracht, meldt Trouw.

De skeletten komen uit Guar Kepah in de westelijke provincie van Penang. Rond 1935, toen Maleisië nog een Britse kolonie was, hebben Nederlandse wetenschappers 41 prehistorische skeletten opgegraven. Naturalis heeft momenteel 37 van deze skeletten. De verblijfplaats van de andere vier is onbekend.

De snelheid waarmee dit proces verloopt is opmerkelijk, vooral omdat ook Indonesië skeletten terugvroeg bij Naturalis en nog steeds op een uitkomst wacht. Indonesië wil dat Nederland de Dubois-collectie, waaronder de stoffelijke resten van de Java-man, die van grote wetenschappelijke waarde is, teruggeeft.

Lees ook:  Stamceltransplantatie voor sommige MS-patiënten in de basisverzekering

Maar de twee zaken zijn niet te vergelijken, zegt een woordvoerder van Uslu tegen Trouw. De Maleisische skeletten zijn slechts ongeveer 5000 jaar oud en behoren tot Homo sapiens – onze eigen soort. Met stoffelijke resten kan de staatssecretaris in grote lijnen naar eigen inzicht handelen, waardoor ze verzoeken snel kan inwilligen, aldus de woordvoerder.

Maar de Java-man is een geval apart. Die overblijfselen zijn ongeveer een miljoen jaar oud en behoren tot een oudere menselijke soort. Volgens sommigen zijn de overblijfselen daarom minder direct gekoppeld aan het hedendaagse Indonesië. Voor dergelijke fossielen moeten aanvragen eerst langs een nieuw ingestelde commissie onder leiding van mensenrechtenadvocaat Lilian Goncalves, die moet vaststellen of Nederland het fossiel op een eerlijke manier heeft verkregen of gestolen tijdens het koloniale regime. Dat kost meer tijd, zegt de woordvoerder van Uslu.

Plaats een reactie