Gezondheid min. vastbesloten om twee centra voor hartchirurgie voor kinderen te sluiten


Minister Ernst Kuipers van Volksgezondheid blijft bij zijn besluit om in de toekomst nog maar twee centra voor specialistische kinderhartchirurgie te behouden. Hij is van plan om op 1 april te beslissen welke twee centra het zullen worden en heeft de academische ziekenhuizen gevraagd om daarbij te helpen.

De discussie over de centra is al gaande sinds 1993, schrijft Kuipers in een brief aan de Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra (NFU). Daarom vindt Kuipers dat er snel een besluit moet worden genomen. Slechts vier centra van academische ziekenhuizen voeren op dit moment interventies uit bij kinderen met een aangeboren hartafwijking: die in Rotterdam, Utrecht, Groningen en een samenwerking tussen Amsterdam en Leiden.

Kuipers hoopt dat de academische ziekenhuizen zelf de impasse doorbreken. Eerdere pogingen daartoe mislukten, mede door de pandemie van het coronavirus. Maar volgens de minister moet het voor hen wel mogelijk zijn om een ​​besluit te nemen. Hij wil binnen een maand weten of de NFU daartoe bereid en in staat is. Zo niet, dan neemt Kuipers de beslissing.

Lees ook:  Zo'n 11% van de jongvolwassenen die willen verhuizen, kan geen nieuwe woning vinden; Verdubbeld sinds 2015

Als de NFU ermee instemt te onderzoeken welke centra behouden blijven, wil Kuipers uiterlijk 1 april weten welke ziekenhuizen kinderhartzorg blijven verlenen. Nog langer overwegen is niet wenselijk vanwege de “urgentie van dit onderwerp”, aldus de minister.

De minister was aanvankelijk van plan om de centra in het Rotterdamse Erasmus MC en UMC Utrecht open te houden. Maar de geplande sluiting van het centrum in Groningen leidde tot veel verzet in de noordelijke provincies.

Ook besloot Kuipers een onderzoek van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) af te wachten naar de gevolgen voor de ziekenhuiszorg als twee kinderhartzorgcentra sluiten. De NZa waarschuwde dat de sluiting gevolgen kan hebben voor de intensive care voor kinderen en de acute zorg in bepaalde regio’s. De NZa stelde voor om de zorg te verdelen in een noordelijke en een zuidelijke regio, maar patiëntenorganisaties zijn tegen.

Kuipers hoopt dat het NFU-onderzoek ook helpt om de negatieve gevolgen voor de ziekenhuizen die hun kinderhartcentrum zouden verliezen te beperken. Hij wil daar voor 1 oktober duidelijkheid over.

Lees ook:  Meer dan 50 arrestaties tijdens uit de hand gelopen vieringen voor de overwinning van het WK in Marokko

De minister van VWS nam het advies van de NZa niet helemaal over. Hij zal dit proces niet vertragen. “Ik verwacht dat zo’n discussie veel tijd kost, terwijl het onderwerp toch echt om een ​​beslissing vraagt”, legt hij uit. Ook verwacht hij dat overleg tussen de UMC’s lastig zal zijn zolang niet duidelijk is in welke ziekenhuizen de behandelingen geconcentreerd zullen zijn.

De minister wil bepaalde specialistische zorg concentreren, omdat de ziekenhuizen die die zorg leveren dan meer patiënten behandelen en hun expertise en kwaliteit vergroten. Volgens hem wordt het idee van concentratie ‘breed gedeeld’.

Plaats een reactie